Persbericht

Mensen met een handicap zijn wachten beu.

Uitbreidingsbeleid gehandicaptenzorg weer ontoereikend.

Vlaams Minister van Welzijn Vanackere (CD&V) stelt op 13 maart in Flanders Expo te Gent aan de gehandicaptensector zijn Uitbreidingsbeleid 2008 voor. Met het jaarlijks terugkerende uitbreidingsbeleid wil de minister de verkiezingsbelofte van de CD&V waarmaken: het probleem van de wachtlijsten oplossen tegen de Vlaamse verkiezingen in 2009. Volgens verschillende verenigingen is dit nieuwe voorstel echter meer dan ontoereikend. Een gezamenlijke actie ter plaatse moet duidelijk maken dat de mensen het wachten op meer middelen en meer vernieuwing beu zijn.

De minister maakt vandaag 32,5 miljoen euro vrij voor het uitbreidingsbeleid. Dit lijkt veel, maar zal vermoedelijk amper een 1500-tal mensen helpen. Intussen wachten meer dan 12.000 mensen op een plaats in een voorziening of op een PAB (persoonlijk assistentiebudget). De verenigingen roepen de minister op om eindelijk het debat te openen over hoeveel geld er werkelijk nodig is en of men dit wil vrijmaken. In vergelijking met een begrotingsoverschot van 500 miljoen in 2006, 779 miljoen in 2007 en 237 miljoen bij de begrotingscontrole in 2008 zinkt 32,5 miljoen immers in het niets…

Meer geld is zeer belangrijk voor het oplossen van de wachtlijsten. Maar daarnaast is er ook een grondige vernieuwing van de sector nodig. Men moet meer gaan luisteren naar de mensen met een handicap zelf. De werkelijke noden van mensen moeten het uitgangspunt worden, niet de all-in-zorgpakketten van voorzieningen. Mensen moeten zelf hun ondersteuning kunnen organiseren. De middelen moeten direct aan de persoon gekoppeld worden en niet aan de instellingen. Hervormingen van de regelgeving moeten ervoor zorgen dat de persoon de budgetten flexibel kan inzetten. Alle vormen van ondersteuning moet men kunnen combineren. Indien nodig moet de persoon ondersteund kunnen worden, bijvoorbeeld bij de zoektocht naar een goede voorziening.

Het lang verwachte PGB-experiment (experiment persoonsgebonden budget) zou kunnen nagaan hoe dit in de praktijk in zijn werk gaat. Dat de minister voor dit experiment maar 4 miljoen € voorziet, maakt echter duidelijk dat ook dit jaar de kaart van de zorgvernieuwing niet voluit wordt getrokken. De verenigingen dringen er bovendien op aan dat er werkelijk naar hen geluisterd wordt bij de uitwerking van het experiment.

Over de dringende nood aan zorgvernieuwing is de sector eensgezind, zoals de Verklaring van Brussel bewijst. Die verklaring werd in december 2007 opgesteld door onder andere de beide koepels van voorzieningen en de verenigingen van mensen met een handicap.

Als de minister er niet in slaagt de wachtlijsten weg te werken, zal het debat noodgedwongen blijven gaan over de verdeling van de schaarste. Zo is er bijvoorbeeld de omstreden verdeling van middelen tussen de provincies maar ook tussen enerzijds het PAB (persoonlijk assistentiebudget) en anderzijds de voorzieningen. Deze verdeling is onrechtvaardig en speelt bovendien de voorzieningen en de personen met een handicap tegen elkaar uit.

Niet de verdeling van de schaarste maar wel het fundamentele recht op ondersteuning op maat moet centraal staan. De nood moet het budget bepalen en niet omgekeerd. Hoe ernstig neemt de minister structurele onderfinanciering van de sector? In hoeverre heeft hij oren naar de vraag naar vernieuwing en wat heeft hij ervoor over? Dat is het echte debat.

Meer informatie en interviews bij Elke Decruynaere, 0486762448, elke@gripvzw.be

Deze actie is een gezamenlijk initiatief van GRIP en VGPH en wordt gedragen door verschillende organisaties.

Reageer